Op  zaterdag 14 juni geeft Renasciate om 20.00 uur een uitvoering in de Johannes kerk, Dreef 5 te Princenhage. Het wordt een zeer gevarieerd programma met populaire werken uit het onder koorzangers bekende “Blauwe Boekje” Ars Musica. Jerry Korsmit dirigeert en Hubert Koniuszek zal begeleiden met de luit.

De noemer van het concert wordt “Diffusa est gratia (in labiis tuis)”. Dit betekent: “Bevalligheid is op uw lippen”, een begroeting die in de Middeleeuwen werd uitgesproken om vrouwen te vereren. Renasciate start de muzikale reis in de 14e eeuw met werken van o.a. Guillaume de Machaut. Via Josquin des Prez (15e eeuw), Carlo Gesualdo, John Dowland en Thomas Morley (allen 16e eeuw) zal de reis zijn eindpunt vinden in de 20e eeuw bij Henk Badings.

De toegangsprijs voor het cpncert bedraagt € 8,-. Kaarten zijn te koop bij Muziekhandel Spronk aan de Wilhelminastraat en aan de ingang van de kerk.

In de Mariakerk in Oosterhout Kamerkoor zong Renasciate 21 maart jongstleden de Johannes Passion van J.S. Bach. Vorig jaar omlijstte ons koor de viering van Goede Vrijdag met een ontroerende vertolking van de Via Crucis van Frans Liszt.

Renasciate zong dit jaar delen uit de “Passions-Musik nach dem Evangelisten Johannes”. Uitgevoerd werden het openingskoor, de 12 voor koor met begeleiding geschreven koralen en het slotkoor. Hieraan voorafgaand werden nog een aantal koorwerken uitgevoerd, passend in de beleving van de Goede Vrijdag. Renasciate staat onder de muzikale leiding van Jerry Korsmit en werd deze avond op de vleugel begeleid door pianiste Anna Ivanova.
(Dit bericht is later toegevoegd om het weblog compleet te maken)

Op 1 december 2007 verzorgde Renasciate o.l.v. Jerry Korsmit in de Johanneskerk aan de Dreef in Breda een programma rondom de ‘O-Antifonen’ van Arvo Pärt en Herman Strategier.
De O-Antifonen worden in de Katholieke kerk traditioneel gezongen aan het einde van de Advent en hebben een begeleidende of inleidende functie voor psalmen.

Na de emigratie in 1980 van Arvo Pärt uit zijn geboorteland Estland vestigde hij zich in Wenen. In de hierop volgende periode richtte hij zich met name op de toonzetting van religieuze werken zoals de “Sieben Magnificat-Antifonen” (1988-1991) en het ‘Magnificat’ (1989). Onder andere deze bijzondere a-capella werken van Arvo Pärt werden op 1 december door Renasciate uitgevoerd.

Hiertegenover plaatste het koor een aantal stukken van twee tijdgenoten van Pärt, namelijk de ‘O-Antifonen’ van Herman Strategier (’Cantica pro tempore natali I’) en ‘Veni Emmanuel’ van Zóltan Kódaly.
(Dit bericht is later toegevoegd om het weblog compleet te maken)

Onder deze titel bracht kamerkoor Renasciate o.l.v. dirigent Jerry Korsmit op zaterdagavond 23 juni 2007 in de Laurentiuskerk in Breda een programma met Engelse en Italiaanse koormuziek uit de vroege barok over liefde en rouw, waaronder werken van Tomkins, Purcell en Palestrina.

De afscheiding van de Anglicaanse kerk in de 16e eeuw had grote invloed op de Engelse kerkmuziek. Zo werd minder dan voorheen de nadruk gelegd op de dreigende hel voor de zondige mens. In de muziekteksten werd veel meer gebruik gemaakt van de Engelse landstaal. Renasciate gaf de luisteraar een beeld van deze veranderingen met verschillende vocale werken uit de 17e eeuw van Tallis, Tomkins, Morley en Purcell (o.a. Funeral Music).

De grote populariteit van het Italiaanse madrigaal in de Engelse muziek van die tijd gebruikte het koor om een sprong te maken naar ‘de laars’ in de Middellandse Zee. Naast de ‘Missa Assumpta est Maria’ van de destijds in Italië nog altijd invloedrijke Palestrina, werden ook madrigalen van o.a. Claudio Monteverdi ten gehore gebracht.
(Dit bericht is later toegevoegd om het weblog compleet te maken)

(In BN/DeStem verscheen een recensie n.a.v. het concert op 2 april 2007)

Devotie herleeft in cultuurkerk Sint Jan

“Het concert gisteravond in de cultuurkerk Sint Jan in Roosendaal onder auspiciën van de Stichtingen Sint Jan Cultuur en Spirit Roosendaal door kamerkoor Renasciate heeft de vroegere devotie van de kerk laten herleven.”

“Deze subtiel verstilde muziek uit de laatste levensfase van Liszt (toen Liszt zelfs al priesterwijdingen had ontvangen) is door de chromatische wendingen, dissonanten en soms haast atonale toonzetting van een veel hogere moeilijkheidsgraad dan de passie van Kühnhausen. Desondanks bleek het koor zich juist hierin veel beter thuis te voelen.”

“Indringend klonk het O crux ave met prachtig weggezette pianissimi. De vrouwen blonken uit in het bezielde knap a capella gezongen Stabat mater door helderheid en zuiverheid.”

“Dit werk werd door de eensgezinde warme interpretatie van het koor en de pianiste een werkelijk moment van innerlijke bezinning.”

(door Monique Meeuwisse, BN/DeStem; dit bericht is later toegevoegd om het weblog compleet te maken)